Home
Honingbijen, tekst

Honingbijen, tekst

Honingbijen

Sterfte

Honingbijen zijn de laatste jaren steeds vaker in het nieuws, want het gaat slecht met de insecten die tijdens het honing maken gewassen bestuiven. Veel meer volken sterven in de winter. Vroeger was het 10 procent door natuurlijke sterfte, nu is het veel meer. Bij natuurlijke sterfte verlaten bijen ’s winters de kast om ergens anders dood te gaan. Nu worden dode bijen in de lente vaak door bijenhouders gevonden in de kast.

Waarom sterven er nu meer bijen dan vroeger?

Wat de oorzaak is van de grotere bijensterfte, daar zijn de wetenschappers het niet helemaal over eens. De vijandige varroamijt is een grote moordenaar onder de honingbij. Maar er wordt ook veel gewezen naar het landbouwgif Imidacloprid. Dit middel verzwakt het oriëntatievermogen en de weerstand van bijen. Daarnaast lijkt het dat het houden van bijen een uitstervende hobby is. De honingbij is – na duizenden jaren gekweekt te zijn door mensen – nauwelijks meer in staat zelfstandig te overleven.

Reddingsactie

In grote steden als New York, Parijs en Londen begonnen jonge mensen met een reddingsactie voor de bijen. Want zonder die miljoenen honingbijen is er veel minder bestuiving, en dus zijn er geen appels meer, geen peren, geen avocado’s, geen bramen en geen besjes aan de struiken voor de vogels. En zo zijn er nog veel meer negatieve effecten van een tekort aan bijen op te noemen. Jonge mensen redden de bijen het liefst dicht bij huis, dus in de stad, op hun balkon, of in de voortuin. De term stedelijk bijen houden (urban beekeeping) was geboren.

Nieuwe aanwas

Ook in Nederland is de imkerpopulatie in de afgelopen jaren flink verjongd. Al lijkt dat vooral voor de Randstad te gelden. Vroeger waren imkers grijze mannen die met pensioen waren. Nu is dat heel anders. Verenigingen groeien, zelfs jongeren gaan bijen houden. Imkers zetten hun kasten neer in volkstuincomplexen, maar ook worden ze in achtertuinen neergezet. Bijen kunnen in de stad nu beter gedijen dan op het platteland. Langs weilanden zijn tegenwoordig nog maar weinig bloemen te vinden.